Ontrafeling mysterie lijkt dichterbij

Door: Merel van Leeuwen

Open eindjes die niet goed zijn uitgerechercheerd door het politieteam dat de vuurwerkramp onderzocht, lijken nu alsnog een rol van betekenis te gaan spelen. Voor de ware toedracht is het nu of nooit.

Donderdag is het tien jaar geleden, 13 mei 2000, de dag van de vuurwerkramp in Enschede. En voor veel mensen is tijd een reden om het er niet meer over te willen hebben. Te lang geleden, laat het toch rusten. Maar dat kan niet met een ramp met 23 doden, honderden gewonden en een compleet verwoeste woonwijk waarvan de oorzaak nooit is komen vast te staan.

Op die warme, zonnige zaterdagmiddag van 13 mei 2000 ging het vuurwerkbedrijf SE Fireworks de lucht in, met alle gevolgen van dien. Een van de grootste politieonderzoeken uit de Nederlandse geschiedenis eindigde in een vrijspraak van ‘brandstichter’ André de Vries en een veroordeling van de bedrijfsdirecteuren Rudi Bakker en Willy Pater wegens het overtreden van de milieuvoorschriften, illegale handel in vuurwerk en brand en ontploffing door schuld met de dood tot gevolg.

Maar daarmee was de zaak niet af. Door grondig onderzoekswerk van journalisten van RTV Oost heeft de politie gisteren een belangrijke getuige gehoord die niet langer kon zwijgen. Het is de schoonzus van directeur Pater die nu pas verklaart dat de directeur en zijn vrouw, samen met nog twee oproepkrachten, voor de brand op het terrein van SE Fireworks zijn geweest. Er zou geen sprake zijn geweest van brandstichting, maar van een noodlottig bedrijfsongeval waar werknemers van het bedrijf bij betrokken zouden zijn geweest. In tegenstelling tot hun eerdere ontkennende verklaringen zouden ze die middag wel degelijk aan het werk zijn geweest. De grote vraag is waarom zij daar al die jaren over hebben gezwegen.

Gabriël Meijers, de advocaat van Pater, maakt zich geen zorgen. Maar hij vindt het niet netjes dat zijn cliënt op deze manier weer in het nieuws komt. ‘Van Willy en zijn vriendin staat van minuut tot minuut vast wat ze zaterdag 13 mei 2000 hebben gedaan. De familie is al jaren gebrouilleerd met deze schoonzus die nu naar de politie is gestapt. Als blijkt dat de vrouw een aantoonbaar onjuiste verklaring heeft afgelegd, zal ik daar aangifte van doen.’

Klusjesman
Maar voor Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn komen de nieuwe onthullingen niet als een verrassing. De twee oud-rechercheurs van het Tolteam, het politieteam dat de vuurwerkramp onderzocht, zijn al jaren in een hard gevecht verwikkeld met de overheid om aan te tonen dat zij ten onrechte zijn ontslagen bij het korps Twente. Het tweetal uitte stevige kritiek op de werkwijze van hun collega’s, die zich naar hun mening te veel richtten op ‘brandstichter’ De Vries. Zij waren vooral geïnteresseerd in K., de klusjesman van SE Fireworks. Van hem staat in ieder geval vast dat hij op de dag van de ramp bij SE Fireworks is geweest, hoewel hij dat in eerste instantie heeft ontkend. Paalman is ervan overtuigd dat zijn voormalige collega’s bij de politie K. bewust uit de wind hebben gehouden. ‘Een voorbeeld. In het voorjaar van 2001 luisterden we de woning van K. af. Er waren foto’s opgedoken van vlak voor de explosies waarop te zien is hoe K. en Pater bij een blussende brandweerman staan te kijken. We hebben de klusjesman naar het bureau geroepen en hem met de foto’s geconfronteerd, met het idee dat hij daar thuis over zou praten.’ Maar tot Paalmans ontsteltenis bleek van dat hele weekend geen opname te bestaan van de woning van K., wegens technische fouten. ‘Net op dát moment faalt de apparatuur, ik geloof dat niet.’ Ook begrijpt hij niet waarom daarna niet meer is geprobeerd K. te vangen door hem af te luisteren.

Volgens Peter Plasman, de voormalig advocaat van Bakker, is K. ‘de cruciale figuur’ in het mysterie rond de vuurwerkramp. Hij was de ideale getuige voor de rechtszaak tegen de directeuren, maar eenmaal voor de rechter hoefde K. geen enkele vraag te beantwoorden. De klusjesman was betrapt op meineed, vanwege zijn leugenachtige verklaringen over zijn aanwezigheid op het bedrijfsterrein op 13 mei 2000. Omdat die strafzaak boven zijn hoofd hing, hoefde K. zichzelf niet te belasten.

Plasman: ‘Dat heb ik nooit begrepen. Als je op zoek bent naar de waarheid, had het OM die vervolging voor meineed snel voor de rechter kunnen brengen of de zaak kunnen seponeren.’ Uiteindelijk werd K. door het hof vrijgesproken van meineed, maar dat was ver nadat het proces tegen Bakker en Pater was afgerond. ‘Het was evident bij de politiemensen die met K. te maken hadden, dat hij tijdens een verhoor makkelijk zou gaan praten. Maar het mocht blijkbaar niet’, aldus Plasman.

Honkbalknuppel
Het ‘falen’ van de opnameapparatuur in de woning van K. bevestigt hem in zijn vermoeden dat er iets heel erg fout zit. De advocaat is ervan overtuigd dat hij en de overheid een gemeenschappelijk belang hebben dat de klusjesman zijn mond houdt. ‘Een alternatief gaat er bij mij niet in. Hij zit fout, maar de overheid ook.’

Paalman en De Roy van Zuydewijn hebben K. weleens opgezocht om met hem te praten, maar daar was de klusjesman absoluut niet van gediend en hij verzocht hen niet zachtzinnig te vertrekken. Ook een team van RTV Oost dat een reportagereeks over de vuurwerkramp heeft gemaakt, werd onlangs door K. met een honkbalknuppel weggejaagd. Praten over de vuurwerkramp wil hij niet.

Ze vermoeden dat de klusjesman betrokken is geweest bij in ieder geval één illegaal paralleltransport van vuurwerk. Onderzoek wees uit dat er op 11 mei 2000, twee dagen voor de ramp, meer vuurwerk bij het Enschedese bedrijf is afgeleverd dan was besteld. Illegale transporten en illegale opslag, wat zat daar in en wie gaf de opdracht daartoe? Voor de oud-rechercheurs en Plasman leidt het spoor naar S., voormalig directeur van SE Fireworks. De man, die de klusjesman tot zijn kennissenkring rekende, deed zijn bedrijf in 1998 over aan werknemers Bakker en Pater, maar ging achter de schermen door met zijn eigen vuurwerkzaken.
Paalman: ‘Een paar weken na de ramp is het Tolteam gebeld door Schiphol. Er waren twee dozen met ijsfonteinen aangetroffen, die behoorden aan S. De dozen kwamen uit Denemarken en via Nederland moesten ze naar Israël. Politiemensen zijn naar Schiphol geweest, maar de zending mocht doorgaan.’ Leden van het Tolteam zijn ook bij Pyrotec in Denemarken geweest, het vuurwerkbedrijf waar SE Fireworks zaken mee deed. Maar ze hebben daar volgens Paalman niet gevraagd naar de bestellingen voor S. terwijl zijn naam ook op de transportlijst stond.

‘Het is van belang dat wordt aangetoond dat er paralleltransporten waren bij SE Fireworks, die niet van en voor dat bedrijf waren.’ Paalman denkt dat de vriendin van Pater, die de vuurwerkbestellingen deed, ook voor de oud-directeur werkte. ‘Die spullen kwamen met hetzelfde transport mee en SE Fireworks betaalde de transportkosten voor S.’

Uit de wind
Plasman gaat nog een stap verder. Hij vindt het een gemiste kans dat niet is onderzocht wat er in de lading ijsfonteinen zat die op Schiphol is aangetroffen. ‘Het is de ultieme dekmantel voor een andere lading. Je kunt van alles in ijsfonteinen stoppen. Het is een raar verhaal dat vuurwerk uit Denemarken naar Nederland komt en vervolgens naar Israël moet.’

Ook de rechtbank in Almelo besteedde in zijn uitspraak in 2002 aandacht aan de oud-directeur en stelde het ‘onbegrijpelijk’ te vinden dat het OM hem niet had vervolgd. Plasman: ‘Waarom moest S. uit de wind worden gehouden?’ Volgens de advocaat is de overheid er het meest bij gebaat dat de onduidelijkheid over de vuurwerkramp blijft. Al snel werd duidelijk dat de gemeente, maar ook het ministerie van Defensie wist van de onveilige situatie op het terrein, dat er te veel en te zwaar vuurwerk lag. Maar de situatie werd gedoogd, vergunningen werden verleend, geen ambtenaar of instantie greep in.

Dan is er nog de rol van de brandweer, die zonder aanvalsplan naar het vuurwerkbedrijf ging. Bij de explosies kwamen vier brandweermannen om. Hun collega’s bespraken een dag later tijdens een besloten bijeenkomst wat er was gebeurd. Een van hen zou na het blussen van de eerste brand de deuren van het bunkercomplex waar het vuurwerk in opgeslagen lag, hebben opengezet om er zeker van te zijn dat het vuur overal gedoofd was. Dat is een doodzonde bij het blussen van vuurwerk en zou nieuwe brandjes hebben veroorzaakt, met de explosies tot gevolg. Deze verklaringen heeft de brandweer aan de politie gegeven, maar de politie heeft ze niet, zegt Paalman. De politie wil er niets over zeggen en het OM zegt niets over de stukken te weten. Paalman en De Roy van Zuydewijn hebben in 2006 nog gesproken met de brandweerofficier die aantekeningen van de bijeenkomst heeft gemaakt. In dat gesprek herhaalde hij de opmerkingen over het openzetten van de deuren.

Wroeging
De oud-politiemannen, Plasman en ook Rudi Bakker zijn ervan overtuigd dat de waarheid aan het licht komt. Dat kan alleen als mensen met wroeging gaan praten, mensen die weten wat er die dag is gebeurd, omdat ze erbij waren of omdat ze hebben gehoord wat er is gebeurd. Ze vinden dat een hernieuwd politieonderzoek niet door het Twentse korps gedaan moet worden. Hun wens is deels ingewilligd. Het verhoor van de schoonzus van Pater is gisteren weliswaar gedaan door politiemensen van dit korps, maar door mensen die nooit in het Tolteam hebben gezeten. Ook heeft het OM in Almelo inmiddels mensen van andere korpsen gevraagd om bij te springen als verder onderzoek nodig is. ‘Hiermee willen we aangeven dat we met frisse ogen naar de informatie kijken, zonder alle oude informatie bij het grofvuil te zetten’, zegt persofficier Patricia van der Valk. Justitie heeft de afgelopen jaren meer tips binnengekregen over de vuurwerkramp, maar omdat het hier om een getuigenis van een direct betrokkene gaat, neemt het OM deze zeer serieus, aldus Van der Valk.

Open eindjes zijn er nog genoeg. Wat zouden Pater, zijn vriendin, de klusjesman en twee oproepkrachten hebben gedaan op het terrein van SE Fireworks op 13 mei 2000? En welke rol heeft de brandweer gespeeld bij de ontwikkeling van de brand? Wellicht dat er op deze vragen alsnog antwoorden komen. En dat is ook voor Rudi Bakker van belang. ‘Als wordt vastgesteld dat die middag mensen actief waren op het terrein, kan Bakker herziening proberen. En als er iets heeft gelegen wat daar niet had mogen liggen, dan leidt dat zeker tot een herziening. Dat is een nieuw feit’, meent Plasman.

‘Ik vind dat Bakker groot onrecht is aangedaan. Hij heeft jaren gestreden om de waarheid boven tafel te krijgen, dat doet hij nog steeds. Het zou mooi zijn als dat nog een keer kan worden rechtgezet.’