Veroordeling in zaak Joos is niet simpel

Cruciaal bij de juridische afhandeling van de zaak-Anja Joos is de vraag of de jongens die om het schoppen heen stonden, daarmee medeverantwoordelijk zijn voor de dood van de 43-jarige, uit Duitsland afkomstige druggebruikster.

Was je erbij, dan ben je erbij. Met deze stelregel wist het openbaar ministerie de afgelopen jaren verdachten veroordeeld te krijgen die deel uitmaakten van een groep die zich schuldig had gemaakt aan openlijke geweldpleging. Ook al deed je zelf niets, als je deel uitmaakte van een groep, kon je veroordeeld worden. De wetswijziging die dit mogelijk maakte, is aan de vooravond van het Europees voetbalkampioenschap in 2000 ingevoerd - om hooligans makkelijker te kunnen arresteren.

Het openbaar ministerie zal in de zaak-Joos, die morgen en vrijdag dient in de rechtbank, hameren op de 'groepsdynamiek' die op 6 oktober leidde tot de dood van de uit Duitsland afkomstige buurtbewoonster, op het Gerard Douplein in de Pijp.

De jongeren, van wie enkele als vakkenvuller bij de nabijgelegen Dirk van den Broek werkten, dachten dat Joos bier had gestolen. Toen dat bij controle op straat niet het geval bleek, verontschuldigden de vakkenvullers zich. De ruzie escaleerde toch, doordat Joos de jongens voor 'kut-Marokkanen' uitschold. Vervolgens werd over en weer met stoelen gegooid en schopte één van de jongens Joos neer met een lage karatetrap. Toen ze op de grond lag, bleef in elk geval één van haar belagers haar schoppen. Ze overleed aan verwondingen aan haar milt.

Aangezien de negen jongens samen achter Joos aanrenden, haar samen omsingelden en joelden en lachten toen ze werd geschopt, hebben de schoppers zich laten meeslepen, stelt justitie. Daarom vindt officier van justitie Hetty Hoekstra alle betrokken jongens medeschuldig aan Joos' dood..

Maar het luttele feit dat een verdachte bij een vechtpartij aanwezig was, leidt niet meer automatisch tot een veroordeling, blijkt uit een arrest van de Hoge Raad van vorig jaar, in de zaak tegen een demonstrant die bij een groep hoorde die met eieren had gegooid. 'Het gooien van eieren tegen de Amerikaanse ambassade tijdens een demonstratie levert openlijke geweldpleging op. De enkele omstandigheid dat verdachte aanwezig was in de demonstrerende groep die openlijk geweld pleegde, is niet zonder meer voldoende om hem te kunnen aanmerken als iemand die 'in vereniging' geweld pleegde,' aldus het arrest.

De rol van elk individu moet dus voor de geweldpleging wel degelijk relevant zijn geweest.

De demonstrant had verklaard het eens te zijn met de aard van de demonstratie - tegen een doodvonnis in Amerika - maar had geen eieren of tomaten gegooid.

Het arrest: 'Doorslaggevend is of de betrokkene met zijn aanwezigheid en andere gedragingen het plegen van het openlijk geweld heeft bevorderd. Het enkel verkeren temidden van anderen zonder aanstalten te maken zich te verwijderen, is niet genoeg.' De Hoge Raad vernietigde de veroordeling van de demonstrant door de politierechter en het gerechtshof, tot het betalen van een boete van driehonderd euro.

Gejoel
Om de jongens die om het schoppen van Joos heen stonden, ook voor schuld aan haar dood te kunnen laten veroordelen, zal justitie dus aannemelijk moeten maken dat hun gejoel het schoppen in de hand heeft gewerkt.

Maarten Spruijt, de advocaat van de negentienjarige verdachte A. M., komt zeker met het arrest op de proppen. "Je moet een aanwijsbaar aandeel hebben geleverd. Mijn cliënt heeft niets gedaan. Hij is uit nieuwsgierigheid meegelopen. Het openbaar ministerie stelt dat sprake was van een omsingeling, maar dat klopt niet. Mijn cliënt heeft een stoel opgepakt toen Joos met een stoel op hem afkwam.''

Ook raadsman Peter Plasman gaat vrijspraak vragen voor zijn cliënt, de achttienjarige A. A.. "Hij hoort niet bij de groep. Hij is meegelopen, maar op twintig, dertig meter gestopt.'' A.A. zou niet hebben gejoeld of geschreeuwd en het gebeurde allemaal zo snel dat hij niet kon besluiten zich te distantiëren. "Hij weet dat het kan gebeuren dat een winkeldief een klap krijgt. Dit is anders: hier werd iemand doodgeschopt."

Acht verdachten van het doodschoppen van Joos staan morgen terecht. De negende wordt apart berecht omdat een van de rechters hem eerder bijstond als advocaat. Twee van de verdachten hebben tot het proces vastgezeten: hoofdverdachte Mohamed G. (nu negentien) en Said B. (nu achttien), die vakken vulde in de supermarkt Dirk van den Broek. De in Tunesië geboren G. heeft bekend Joos tweemaal te hebben geschopt en is ook door zeven medeverdachten als dader aangewezen. Said B. is door sommigen genoemd als degene die mogelijk een stoel naar Joos heeft gegooid waarna de vechtpartij escaleerde. Van hem is ook wel verklaard dat hij Joos met een lage trap zou hebben neergeschopt.

Drie van de negen verdachten - allemaal zeventien tot negentien jaar - zijn nooit met justitie in aanraking geweest. Enkele andere verdachten zijn eerder gestraft voor straatroof met geweld.