Justitie raakt moordwapen Bathoorn kwijt

Groningen - Justitie is het moordwapen in de zaak Bathoorn kwijtgeraakt. De advocaat van de verdachte overweegt de rechtbank te vragen de vervolging te staken.

Het mes waarmee Joshua Bathoorn (29) op 9 augustus werd gedood, is na het steekincident deels op sporen onderzocht. Er bleken sporen van het slachtoffer en de verdachte op te zitten. Volledig onderzoek naar het mes zou duidelijk moeten maken welke sporen er nog meer op het mes zitten.

Dit onderzoek is onmogelijk zolang het mes zoek is. Advocaat Peter Plasman wil justitie best de tijd geven om het wapen alsnog te vinden, maar heeft al gezegd consequenties te verbinden aan de blunder van justitie als het mes zoek blijft.

Volgens de raadsman moet het verlies van een wezenlijk bewijsmiddel in een strafzaak leiden tot een niet ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Dat zou betekenen dat justitie het recht op vervolging verliest.

Justitie zegt in een reactie het verlies van het wapen te betreuren, maar meent dat er nog genoeg bewijs in het dossier zit om tot een veroordeling te komen. Bovendien is de zoektocht naar het mes nog niet ten einde.

Eerder eiste justitie een gevangenisstraf van acht jaar tegen de verdachte Arron B. De rechtbank heropende de zaak echter, mede om extra onderzoek te doen naar biologische sporen op het mes.

B. heeft altijd gezegd dat de dood van Bathoorn een ongeluk was. Bathoorn was zelf agressief en viel daardoor in zijn ter zelfverdediging gehanteerde mes. Medische rapportage sluit deze lezing niet uit.